• De vreugde van het vinden

    Vorige week fietste ik over het fietspad langs de spoorbaan richting het Centraal Station van Antwerpen. Onderweg kwam ik drie kleine jongens tegen die in de bosjes naast het spoor speelden. Twee keken aan de rand toe, terwijl de derde in het groen iets aan het zoeken was. Toen ik langsfietste had hij iets gevonden dat hij triomfantelijk de lucht in stak, terwijl zijn makkers de vondst met vreugdekreten begroetten. Ik kon niet zien wat ze hadden gevonden. Wat ik in een flits wel zag, was de vreugde in hun ogen - de kinderlijke vreugde dat ze iets hadden gezocht en gevonden.

    vinden,zoeken, kinderen

    Op dat moment besefte ik weer hoe schoon de vreugde van het vinden is. Als kind kende ik dat, toen ik verliefd was en mijn liefde de ander vond, toen ik God zocht en op een moment vond of - misschien beter - werd gevonden. Jezus wist er ook van. Hij heeft een heel aantal parabels verteld over zoeken en vinden - en altijd eindigt zijn verhaaltje met ongekende, uitbundige vreugde als de zoeker onverwacht of na lang zoeken vindt.

    De vreugde van het vinden behoort echt bij het christelijk geloof. Ik weet het: we leven in spiritueel opzicht in tijden van veel zoeken en weinig vinden. 'Wie wat vindt heeft slecht gezocht', zo typeert de dichter Willem Jan Otten de houding van de grote groep verlichte intellectuelen die niet kunnen of willen geloven dat je als mens niet alleen zoekt, maar ook vindt . 'Zoeken zonder vinden' is de mantra van mensen die zich niet willen binden of overgeven. Maar hoe volwassen vreugdeloos is dat doelloze zoeken niet ,als je het vergelijkt met de kinderlijke vreugde van het vinden? De ogen van die drie kleine mannen bij de spoorbaan hebben bij mij het verlangen naar de vindersvreugde weer wakker geroepen. En dus zoek ik verder om steeds weer te vinden.

     

  • De kerk van Eunice en Maurice

    Op vakantie ga ik op zondag gewoon naar een kerk in de buurt. Twee weken geleden waren we in een klein evangelisch kerkje in de Bretonse stad Lannion. Het werkelijk kleine en rommelige gebouwtje zat propvol, vanwege de toeristen die de gemêleerde groep Franse kerkgangers aanvulden. Maurice was de voorganger, een zeventiger met een grijs baardje, kromme voeten zonder sokken in gemakkelijke schoenen en overhemd met stropdas - zeg maar het type oud-evangelisch. Geheel volgens mijn verwachting (of vooroordeel) maakte hij zich dan ook zorgen over het gebrek aan bijbels onderwijs en een veel te 'cool' evangelie onder de gelovigen vandaag.

    Lannion, eglise

    De kerk van Maurice was geenszins 'cool', maar wel evangelie. Halverwege de dienst nam een jonge Afrikaanse vrouw het woord, die wat woorden ten afscheid wilde spreken tot haar 'lieve broeders en zusters in het geloof'. Het werd een heuse afscheidspreek, onderbroken door tranen, gelezen van wel vijf of zes vellen papier. Eunice vertrok naar het Noorden van Frankrijk wegens het werk van haar man en het kostte haar moeite om de gemeente na bijna tien jaar te verlaten. Ze hadden haar opgevangen en geholpen, veel voor haar gebeden, en gezorgd dat ze haar geloof niet had verloren - dat was haar houvast geweest in blijkbaar zware tijden en ze zou het ook weer nodig hebben in de toekomst. Ze bedankte iedereen verschillende keren en sloot haar preek af met 'ik hou van jullie.'

    Daarna was het aan Maurice om zijn 'message' van deze zondag te geven. Hij hield het kort, want Eunice had het merendeel van zijn tijd genomen. Het werden wat inleidende opmerkingen bij 1 Korintiërs 15, het hoofdstuk over de opstanding van de doden. Volgende week zou hij wel stilstaan bij het belang van Jezus' opstanding, als we voor deze week maar onthielden dat Jezus leeft.

    Dat had ik al opgemerkt uit het verhaal van Eunice, die zoveel liefde had gevonden in deze kleine, weinig coole gemeenschap van christenen en zoveel van ze was gaan houden. Deze kerk van Eunice en Maurice zal ik niet snel meer vergeten. Hier woont de liefde - de simpele, weinig opzienbarende, vast ook onvolmaakte, maar toch Godsechte liefde. Die liefde, die volgens Jezus het kenmerk van zijn volgelingen is. 'Ik hou van jullie' was haar amen.