• Fancy fair

    Vorige week organiseerde onze kerk de jaarlijkse fancy fair of bazaar. Dit gezellige koop- en eetfestijn is voor onze kinderen het hoogtepunt van het kerkelijke jaar. Ze zien naar de grote dag uit als was het Sinterklaas of hun verjaardag.

    tempelreiniging,fancy fair

    Wat maakt een dag lang kopen, grabbelen, met spanning op de uitslag van de tombola wachten, meehelpen, eten en drinken zo bijzonder? Er is geen beeldscherm te vinden, of het moet er een zijn tussen de tweedehands goederen. Ze worden niet met muziek of Studio 100 geanimeerd en de attracties beperken zich tot een grabbelton en enkele verlotingen. Hoe ouderwets en weinig kindgericht is dit vermaak. En toch hebben ze de dag van hun leven. Misschien zelfs de gelukkigste dag van hun leven. 's Avonds na de fancy fair las ik in de weekendkrant een interview met journalist en tekenaar Sam De Graeve (www.samdegraeve.be), die op de vraag wanneer hij het gelukkigst was antwoordde: 'De fancy fair van de protestantse school in 1977.' Wat voor geluk is dit kindergeluk? Het kleine geluk van spulletjes en cadeautjes en het simpele geluk van erbij horen en meedoen waarschijnlijk?

    Mijn gevoelens bij een fancy fair in de kerk zijn minder simpel dan die van mijn kinderen. Alleen de preekstoel en het orgel worden gespaard, maar verder is de heilige plek waar iedere zondag gemeenschap met God wordt gezocht en gevonden veranderd in een heuse foor. Natuurlijk moet ik elke keer denken aan Jezus die met of zonder zweep het tempelplein reinigt van de wisselaars en verkopers. Maar het is het kleine en simpele geluk van de kinderen en de volwassenen (inclusief mijzelf) dat mij tegenhoudt om zelf de zweep ter hand te nemen. Immers juist dat eenvoudige geluk hoort bij een gemeenschap van mensen en daarin kan veel goddelijke liefde vorm krijgen - klein en simpel, maar toch.